Wilgstraat 61, 2565 MC  DEN HAAGtel. 070 - 7370111 • fax 084 - 8829521KvKnr 27178571

Hollandse wijk Postdam

Staalkaart van restauratiemethoden

Hoewel dit huis misschien typisch Hollands oogt, heeft de bouw in de Hollandse Wijk niet helemaal volgens Hollandse concept plaatsgevonden: zo zijn de platte dakpannen typisch Dults, en het lage, smalle dakraam wijst op Franse invioeden.
  • Hoewel dit huis misschien typisch Hollands oogt, heeft de bouw in de Hollandse Wijk niet helemaal volgens Hollandse concept plaatsgevonden: zo zijn de platte dakpannen typisch Dults, en het lage, smalle dakraam wijst op Franse invioeden.

Foto: Eduard Bekker

Sinds de omwenteling heeft het staatsmonopolie op de restauratie van het Holländerviertel in Potsdam plaatsgemaakt voor een veelheid van initiatieven, van zowel liefdadigheidsverenigingen als Duitse en Nederlandse architecten. Doordat allen eigen ideeën hebben over hoe het er ooit allemaal uitzag, is de eenheid in aanpak uit de DDR-tijd ver te zoeken. “Zo ontstaat in de wijk een staalkaart van diverse restauratiemethoden”, aldus een Nederlandse architect, die in de wijk actief is.

Eduard Bekker • Cobouw - maandag 27 september 1993

Maar nog steeds overheersen aftakelende panden, waarvan niet duidelijk is wie zich de rechtmatige eigenaar mag noemen. En het opknappen van enkele gebouwen met Nederlandse steun kan niet beginnen, omdat een renderende exploitatie niet hard is te maken, tot verdriet van een andere, plaatselijk architect die de order heeft gekregen en daarvoor andere opdrachten heeft laten schieten.

Op mijn eerste reis naar Potsdam in 1980 belandde ik in het café Haider bij de Nauener Tor, de markante gele stadspoort. Het was een privé-bedrijf, waar eigengemaakt ijs werd geserveerd. Er speelde een muziekkapel. Kortom het was er gezellig, diets dat je niet bepaald kon zeggen van de meeste andere horecagelegenheden, die doorgaans in handen van de staat waren.
Toen ik begin 1993, het café – dat op de hoek van de Hollandse Wijk ligt – opnieuw met een bezoek wilde vereren, bleek het pand dichtgetimmerd: de nieuwe bezitter vroeg zoveel huur, dat de exploitant het niet meer draaiende kon houden.
De huidige eigenaar wil er nu een bank vestigen, maar hier zet de de gemeente Potsdam de voet dwars: die wil hier per se een horecabestemming houden. Totdat er ergens een knoop zal worden doorgehakt is het pand, dat dringend aan een opknapbeurt toe is, een prooi van de elementen. Café Haider zoekt inmiddels een nieuwe stek, zodat de Hollandse Wijk dit markante trefpunt waarsehijnlijk voorgoed kwijt is.
Veel van dergelijke onverkwikkelijke eigendomsproblemen spelen het hele Holländerviertel parten. De voormalige uitspanning ‘Zum Fliegenden Holliinder’, die in het hart van deze door Jan Bouman ontworpen 18de-eeuwse wijk ligt, is al sinds de jaren zestig dicht wegens bouwvalligheid, alle ideeën om er een trefpunt van te maken ten spijt. Het pand was al verkocht aan een bierbrouwerij, maar er meldde zich plotseling iemand die meende meer rechten op het pand te hebben, zodat ook daar een patstelling is ontstaan.
De omwenteling van ‘Karl-Marx’ naar ‘Dmarks’ heeft niet die verlichting gebracht waarop veel mensen die in de wijk actief zijn hadden gehoopt. In de DDR-tijd ontbraken de materialen. Nu zijn het de nieuwe eigendomsverhoudingen die opspelen. Want niemand gaat een gebouw aanpakken als hij niet voor de volle honderd procent zeker weet dat hij de enige rechtmatige eigenaar blijft. Maar slechts bij hooguit eenderde van de panden is opgehelderd wie de werkelijke bezitter is. Aanspraken op de gebouwen lopen tot in de Verenigde Staten toe en gaan terug tot 1933, toen er al bewoners op de vlucht sloegen voor de nazi’s.

Expositie

Tijdens de oorlog werden enkele panden verwoest. Gedurende het DDR-regime werd het aantal verwoeste panden aangevuld tot tien. De andere huizen vielen ten prooi aan verval en plannen voor een totale sloop kwamen steeds dichterbij. De omwenteling van 1989 betekende een – in elk geval voorlopige – redding. Op dit moment wordt de helft van de resterende panden gesaneerd.

De andere helft is nog steeds met verval bedreigd. In het oudste deel van de wijk aan de Mittelstrasse is door een initiatiefgroep van bewoners een kleine expositieruimte ingericht met onder meer een maquette van de wijk en veel fotos en kopieën van documenten. Helaas kan de expositie slechts op aanvraag worden bekeken: er is een ‘ABM-Stelle’ (soort Duitse banenpooler) aangevraagd voor de functie van toezichthouder, maar dit verzoek is nog niet ingewilligd.
Om de hoek aan de Friedrich-Ebert-Strasse heeft de Potsdamse architect Christian Wendland zijn kleine werkruimte ingericht. Hij kent de stad door en door, en al jaren ijvert hij voor de restauratie van de Hollandse Wijk, eerst in dienst van de gemeente, nu als zelfstandige.
De ‘Jan Boumannverein’ – een vereniging, die in het leven is geroepen om het Holldnderviertel op te knappen – heeft Wendland aangetrokken voor het renoveren van twee panden bij de Nauener Tor. In de panden zouden winkels, kantoor- en vergaderruimtes, woningen en logeerruimteq kunnen komen, en men hoopt zelfs op een Nederlandse culturele vertegenwoordiging, die in deze plek – vlakbij de toekomstige Duitse hoofdstad – ideaal zou zitten.

De onlangs opgerichte ‘Stichting Hollandse Wijk Potsdam’, die sponsors wil werven om concrete restauratieprojecten aan te pakken, wil ook bij dit project graag de bijspringen. Dan moet van de desbetreffende panden wel duidelijk zijn wie de eigenaar is, en moet de exploitatie financieel rond zijn. Dat is nog niet het geval, hoewel de JanBoumanVerein, een pand wel voor een symbolisch bedrag in langdurige bruikleen heeft gekregen. Zolang de exploitatie echter niet concreet is, kan er nog niets van de grond komen. Zolang kan ook Christian Wendland in de panden niet aan de slag. Dit tot zijn grote ongenoegen. “Om hiervoor mijn handen vrij te krijgen, heb ik andere opdrachten afgeslagen. Ik weet op dit moment eigenlijk nauwelijks hoe ik het hoofd boven water moet houden”, aldus de teleurgestelde architect.

De huizen waarvan het dak parallel loopt aan de straat hadden deuren met houten façades. Sommige zijn nog (gedeeltelijk) aanwezig. Enkele zijn opnieuw aangebracht.
  • De huizen waarvan het dak parallel loopt aan de straat hadden deuren met houten façades. Sommige zijn nog (gedeeltelijk) aanwezig. Enkele zijn opnieuw aangebracht.

Foto: Eduard Bekker

Wandelende door de buurt bekijkt hij met een sceptische blik de panden waar de restauratie wel op gang komt. Op de hoek van de Bassinplatz staat een nieuwbouw pand leeg, dat volgens een naambordje een advocatenkantoor zou moeten zijn. De herbouw is enigszins in stijl van de rest van de wijk. Wendland heeft er echter geen goed Woord voor over: “Een speculatiepand, absoluut niet in stijl herbouwd”, bromt hij, wijzend op de ramen en de buitenproportioneel hoge dakkapellen. Om de hoek langs de Hebbelstrasse wordt volop gerestaureerd door een Duitse bouwbedrijf. De inhoud van een vuilcontainer lijkt er op te wijzen dat die mensen waarvan je zou mogen verwachten dat ze het bouwkundig erfgoed op waarde weten te schatten, hiervan juist weinig respect aan de dag leggen: opgestapeld in de afvalbak liggen de 260 jaar oude oorspronkelijke deuren met scharnieren, ramen en kozijnen. “Een paar jaar geleden, toen alles hier nog van de staat was, hebben we die hier opgeslagen om ze van de ondergang te redden. Moet je zien wat er nu mee gebeurt. Oerdegelijk hout, handgesmede scharnieren. Die kosten een fortuin. Dat gooien ze zomaar weg. Straks haal ik mijn wagen om het op te halen. Zijn ze nou helemaal!”

Raamlijsten

Even later wijst hij op het pand aan de Mittelstrasse 25, dat er op het oog weer goed bii staat. Er is een kleine winkel in gevestigd en er zijn geen moderne uithangborden of spotjes. Toch kan de architect er niet veel enthousiasme voor opbrengen: “De raamlijsten zijn twee centimeter breder dan het hoort. Dat is ook heel duidelijk te zien als je het vergelijkt met de andere vensters in de wijk.”
De Nederlandse architect Pieter van Traa is de restaurateur van deze gevel. In opdracht van de woningbouwvereniging GEWOBA en enkele particulieren heeft hij inmiddels vijf gevels aangepakt. Enkele jaren geleden kwam hij als redacteur van het blad van de Koninklijke Nederlandse Oudheidkundige Bond in contact met de GEWOBA, die in het gebied een reeks panden beheert. Hij zegt dat hij de breedte van de raamlijsten heeft kunnen afleiden uit het oorspronkelijke kozijnhout. Dat de breedte afwijkt verklaart hij uit het feit dat de huizen over een periode van meerdere jaren zijn gebouwd door verschillende bouwmeesters.

Staalkaart

Dat er veel verschillen in aanpak zijn betreurt hij niet. “Deze wijk is een soort staalkaart aan het worden voor verschillende restauratiemethoden. Op zich vind ik dat helemaal geen probleem. Eenvormigheid in de restauratie kan ook leiden tot saaiheid”.
Aldus Van Traa, hiermee haaks staand op de mening van Christian Wendland, die betreurt dat een uniforme aanpak, zoals die in de DDR-tijd in nabijgelegen Brandenburgerstrasse plaatsvond, niet meer mogelijk is.
Van Traa hoopt dat de meningsverschillen over de aanpak tot staan kunnen worden gebracht door een ‘alles omvattende’ publikatie over de wijk, waaraan op dit moment wordt gewerkt door bouwkundige Norbert Blumert, die zijn jarenlange ervaringen met de wijk als ‘Gebietsdenkmalpfleger’ in dienst van de Potsdamse momumentenzorg aan het papier heeft toevertrouwd.
De Nederlandse architect prijst de Oostduitse vaklieden die bij de renovaties betrokken zijn. “De opleidingen voor het echte handwerk waren in de DDR beter dan in de Bondsrepubliek.”
Hij is optimistisch over de toekomst van de wijk. “Ik hoop dat het een positief verhaal wordt. Er wordt al zoveel negatiefs geschreven over de vroegere DDR.”


Wijk als lokkertje voor Hollanders

27 september 1993

De Hollandse Wijk in Potsdam is in opdracht van de Pruisische keurvorst Friedrich Wilhelm I vanaf 1733 gebouwd onder supervisie van de Hollandse bouwmeester Jan Bouman (die zijn naam heel snel verduitste tot ‘Johan Boumann’). De vorst had door de Dertigjarige Oorlog veel van zijn verdienstelijke onderdanen verloren en hoopte dat zich in de wijk veel Hollandse vakkrachten zouden vestigen, die hij met gunstige vestigingsvoorwaarden naar Potsdam trachtte te trekken.      Meer


| |
/ Voor print en webontwerp / Portfolio en Curriculum / Cobouw – Dagblad voor de Bouw / Staalkaart van restauratiemethoden
> Schrijf een beoordeling