Wilgstraat 61, 2565 MC  DEN HAAGtel. 070 - 7370111 • fax 084 - 8829521KvKnr 27178571

Praag poetst zijn gevels

Niet ver van het Wenceslasplein is deze gevel tevoorschijn gekomen. Practisch ieder gebouw langs de ringweg is wel voorzien van dergelijke ornamenten.
  • Niet ver van het Wenceslasplein is deze gevel tevoorschijn gekomen. Practisch ieder gebouw langs de ringweg is wel voorzien van dergelijke ornamenten.

Foto: Eduard Bekker

De meeste Nederlanders zullen tot voor enkele Jaren Praag slechts hebben geassocieerd met de Praagse lente en de Russische inval van 1968. Diegenen die zich ondanks de bureaucratische hindernissen de toegang tot de ‘Gouden stad’ wisten te verschaffen, waren vaak overbluft door de serene uitstraling van een binnenstad die vrijwel uit monumentale panden bestond, ’s avonds slechts gedempt gelig verlicht door oude straatlantaarns. Waar kon men elders in een Europese hoofdstad van de ene kant van het centrum over een honderden jaren oude brug naar de andere kant lopen, zonder een gebouw te zien dat minder dan 150 Jaar oud was, zonder schreeuwerige reclames tegen te komen?

Eduard Bekker • Cobouw - vrijdag 18 juni 1993

Voor mensen die er oog voor hadden vormde de hoofdstad van Bohemen een groot decor uit lang vervlogen tijden. Ingrijpen in de binnenstad is nooit echt nodig geweest – ook niet voor het verkeer. Zelfs in de middeleeuwen heeft men met de aanleg van nieuwe wijken al rekening gehouden met een sterke groei hiervan. Van de Vaclavske Namesti (de Nederlandse naam is Wenceslasplein) die de grandeur heeft van de Champs-Elysees, kun je bijvoorbeeld nauwelijks voorstellen dat die al in 1348 werd aangelegd. Door de voorspellende blik van de toenmalige bouwers kunnen de oude straten van het centrum het verkeer dan ook nog steeds redelijk verwerken.
 

Weens model

Na de aanleg van de metro eind jaren zestig werd de Vaclavske Namesti tramvrij gemaakt, in de jaren tachtig gevolgd door een aansluitend deel van de Narodni en de Na Prikope – die een ring om de binnenstad vormde naar Weens model. Hier werd een met klinkertjes betegeld voetgangersgebied geschapen. Touringcars worden inmiddels uit het centrum geweerd.

De Tweede Wereldoorlog heeft de gebouwen in de Tsjechische hoofdstad grotendeels ontzien. Alleen van het oude raadhuis is een vleugel verwoest. Voor onderhoud van de vele monumenten – laat staan restauratie – had de staat, die het particulier bezit had geconfisceerd. nauwelijks geld. De gebouwen -toch al getergd door de zwavelrijke uitlaatgassen van de bruinkoolgestookte kachels en centrales- takelden steeds meer af. Spontaan lieten van tijd tot tijd hele stukken gevel los. De vele zware houten steigers die in die tijd werden opgetrokken, dienden dan ook niet tot restauratie, maar moesten voorbijgangers behoeden voor spontaan neerdalende vensters, erkers en balkons. Vele steigers staan er inmiddels al tientallen jaren en zijn monumenten op zich geworden.
 

Nieuw hoekornament.
  • Nieuw hoekornament.

Foto: Eduard Bekker

Langzaam

Toch is al onder het communistische regime ernst gemaakt met het opknappen van oude panden, maar dit ging tergend langzaam, want het betrof honderden panden die nu allemaal in handen waren van een eigenaar.

Westerse projectontwikkelaars werden hierbij (gelukkig?) niet betrokken, zodat veel gebouwen hun oorspronkelijke uiterlijk behielden. Het centrum is gelukkig ook gevrijwaard gebleven van de geijkte stalinistische monsterprojecten, op een gigantische televisietoren na. Stalin zelf kon in de vorm van een reusachtig standbeeld op de hoge Moldauoever aan het einde van de Pariszka de binnenstad tot aan het Raadhuisplein overzien, totdat hij in 1960 werd opgeblazen. Tot enkele jaren prijkten daar slechts de restanten van de sokkel. Nu geeft een gigantische metronoom op deze plaats het levensritme aan.

Stroomversnelling

Sinds de omwenteling van 1989 is de restauratie in een Stroomversnelling gekomen. Alle genationaliseerde panden zijn aan de oude eigenaren teruggegeven. Problemen zoals in de DDR, waar door allerlei omstandigheden (gedwongen nationalisatie in 1949, 'vrijwillige' verkoop aan de staat, confiscering door de staat na emigratie naar het westen, nieuwe aankoop door particulieren, etc., etc.) diverse mensen een claim konden leggen op een gebouw, deden zich hier minder voor. Om de restauratie te stimuleren worden aan de eigenaren onder soepele voorwaarden leningen verstrekt en volgt vrijstelling van onroerend-goed-belasting voor enkele jaren. Daarbij lenen de meeste benedenverdiepingen zich goed voor verhuur aan winkels, cafés, kantoren en restaurants, waarbij men huren tot zestig gulden per vierkante meter per maand mag vragen. De lonen van vaklieden zijn op dit moment nog relatief laag, vooral als men bedenkt dat onder de kunstzinnige Tsjechen zeer goede restauratie-experts zijn te vinden, die ook in het buitenland bekendheid genieten.
 

Dit vroeger zo algemene beeld wordt steeds zeldzamer. Houten steigers moeten voorkomen dat voetgangers en passerend verkeer worden geraakt door loslatend stucwerk en spontaan naar buiten tuimelende vensters.
  • Dit vroeger zo algemene beeld wordt steeds zeldzamer. Houten steigers moeten voorkomen dat voetgangers en passerend verkeer worden geraakt door loslatend stucwerk en spontaan naar buiten tuimelende vensters.

Foto: Eduard Bekker

Erezaak

De Tsjechen zijn altijd zeer behoedzaam met hun bezit omgesprongen. Zo weet iedereen die wel eens bij Pragers thuis is geweest, dat hij direct pantoffels dient aan te trekken om de parketvloer te sparen. De meeste eigenaren van panden in de binnenstad zien de restauratie dan ook als een erezaak en lijken met elkaar te wedijveren. Overal worden de oude facades onder handen genomen. Door verschillende kleuren te gebruiken, springen de details er weer uit. Dan blijkt pas goed hoe rijkelijk de gevels van ornamenten zijn voorzien. Op veel plaatsen waan je je nauwelijks nog in een oostblokland. Blokken, die vroeger waren verstopt achter grijze schuttingen komen in al hun pracht te voorschijn. ’s Avonds worden de huizen met sfeervolle, gelig brandende straatlantaarns verlicht. De vele jaren zo karakteristieke massieve houten steigers zijn dan ook vrijwel uit het straatbeeld verdwenen.

Wel moeten de Tsjechen een zware prijs voor de ‘wederopbouw’ betalen. Hoewel de prijzen voor toeristen alleszins betaalbaar zijn, is het uitgaansleven voor de autochtone bevolking onbetaalbaar geworden. Niet verwonderlijk als je bedenkt dat het gemiddelde maandinkomen driehonderd gulden bedraagt. Het is dus de vraag of de mensen die een gebouw met hun eigen handen opknappen nog een kopje koffie kunnen drinken in het door hen zelf aangelegde café op de begane grond.
 

Joodse wijk

De vele synagogen in de joodse wijk Josefov – doel van menige excursie – zijn al langere tijd redelijk onderhouden. Deze monumenten van het voor de oorlog zo rijke culturele joodse leven, hadden de nazi-tijd goed doorstaan, omdat Hitler van Praag een ‘Museum van het uitgestorven ras’ wilde maken, een soort document hoe het volk dat hij wilde uitroeien had geleefd. Wrang genoeg zijn vrijwel alle joden die de nazi-tijd hebben doorstaan alsnog geëmigreerd, want het communistische regime bedreef een voortvarende antisemitische koers, die zich onder meer uitte tijdens de beruchte Slansky-processen in de Stalin-tijd.

De joodse wijk kent daardoor geen joods leven meer, en eigenlijk is de joodse erfenis tot op heden gebruikt zoals Hitler hem had bedoeld: het joodse kerkhof en de synagoges zijn alleen nog maar een museum. Drommen toeristen betreden deze plaatsen zonder hoofddeksel, wat tegen de joodse voorschriften is. De wijk heeft – ook de door de vele souvenirswinkeltjes – een kitscherig karakter gekregen. Nu de banden met Israel wat meer worden aangehaald – veel Israeli's bezoeken nu deze oude joodse wijk – is het te hopen dat voor dit culturele erfgoed meer respect zal worden getoond.


| |
/ Voor print en webontwerp / Portfolio en Curriculum / Cobouw – Dagblad voor de Bouw / Praag poetst zijn gevels
> Schrijf een beoordeling